Naar hoofdinhoud
Onafhankelijke kennisbank gevaarlijk afval & ADR in NederlandCalamiteit of lekkage? Bekijk de noodprocedure

Sector Afval

Inzameling in de bouw & sloopsector

Asbest, verontreinigde grond, teerhoudend materiaal, kitresten en PUR bepalen het gevaarlijk-afvalprofiel van bouwprojecten.

Inzameling gevaarlijk afval in de bouw & sloop

Infographic Overzicht asbest en verontreiniging: de asbestsoorten chrysotiel, amosiet en crocidoliet, asbestcementplaten, pijpen en vloerzeil, asbesthoudende buisisolatie en spuitasbest, een dwarsdoorsnede van verontreinigde grond met markeervlaggetjes, en GHS-gevaren- en veiligheidsgebodspictogrammen
Illustratiebeeld: asbestsoorten, asbesthoudende toepassingen en verontreinigde grond zoals die bij bouw- en sloopwerk voorkomen.

Bouw- en sloopprojecten zijn de grootste bron van gevaarlijk afval in Nederland. De verplichtingen beginnen vóór de eerste sloophandeling: voor gebouwen van vóór 1994 is een asbestinventarisatie door een SC-gecertificeerd inspectiebedrijf verplicht, en bij sloop of ingrijpend verbouwen volgt een sloopmelding bij de gemeente. Bij graafwerkzaamheden hoort een bodemonderzoek met analyse van grond en baggerspecie. Asbest wordt verwijderd door een gecertificeerd asbestverwijderingsbedrijf en gaat in folie verpakt, strikt gescheiden van de overige bouwstroom, naar een vergunde inrichting.

Daarna geldt bronscheiding als leidend principe. Zolang materialen niet vermengd raken, houden grond, hout, gips, dakleer, metaal en chemische resten elk hun eigen bestemming en tarief. Vermenging is de duurste fout op de bouwplaats: één bak teerhoudend materiaal of een verfpot in de verkeerde container maakt de hele lading gevaarlijk. Tijdelijke opslag op locatie is gescheiden, afsluitbaar en overdekt, met aandacht voor lekken en voor de eisen van PGS 15.

De inzameling loopt via een VIHB-geregistreerde inzamelaar. Per transport gaat een begeleidingsbrief mee met afvalstroomnummer en de juiste Euralcode; de ontvanger legt dat vast in het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen. Als ontdoener blijft de opdrachtgever of aannemer verantwoordelijk voor de classificatie en bewaart alle bonnen en registraties vijf jaar. Onder het Circulair Materialenplan verwachten opdrachtgevers bovendien een onderbouwd afvalplan met circularheidsdoelen per stroom.

Een afvalplan vooraf, foto's van elke container en controle van de afleverbonnen voorkomen dat stromen onbedoeld vermengen of onjuist worden afgevoerd, en beschermen tegen boetes wegens illegale afvoer.

Voorbeelden van gevaarlijk afval in de bouw & sloop

De belangrijkste stromen die op bouw- en sloopprojecten apart worden ingezameld:

  • Asbesthoudende bouwmaterialen en isolatie: golfplaten, leidingen, dakpap (17 06 05* en 17 06 01*)
  • Teerhoudend dak- en wegafval: bitumineuze mengsels en koolteerproducten (17 03 01* en 17 03 03)
  • Verontreinigde grond, stenen en baggerspecie bij graafwerkzaamheden (17 05 03* en 17 05 05*)
  • Gipshoudend bouwmateriaal dat met gevaarlijke stoffen is verontreinigd (17 08 01*)
  • Gemengd bouw- en sloopafval dat gevaarlijke stoffen bevat, zoals resten kit, lijm en PUR (17 09 03*)
  • Verf-, lak- en thinnerresten plus slib uit afbouw en schildering (08 01 11* en 08 01 13*)
  • Oliehoudend afval: oliefilters, absorptiemateriaal en vervuilde poetsdoeken (16 01 07* en 15 02 02*)
  • Verpakkingen en flessen met resten gevaarlijke stoffen van de bouwplaats (15 01 10* en 15 01 11*)
  • Elektrische apparatuur, accu's en lampen uit sloop en renovatie (16 02 13* en 16 06 01*)

Praktische hulp nodig?

Vraag via het contactformulier advies aan voor uw specifieke situatie.